Sociale mediabelasting en overheidsuitgaven
jun
19

Sociale mediabelasting en overheidsuitgaven

Witlox VCS is aangesloten bij TIAG, een wereldwijde organisatie van onafhankelijke accountants en belastingadviseurs. Zodoende hebben fiscale berichten uit het buitenland soms meer dan gemiddeld mijn belangstelling. Immers met een dergelijk lidmaatschap moeten we niet alleen de suggestie wekken ook in buitenlandse verhoudingen fiscaal advies te kunnen geven. We moeten het uiteraard ook waar kunnen maken.

Nu was er op de radio een berichtje over het belastingstelsel van Oeganda. In alle eerlijkheid moet ik bekennen dat ik niet ieder jaar fiscale zaken mag begeleiden die iets te maken hebben met deze Afrikaanse staat. De regering van Oeganda gaat sociale mediabelasting introduceren op het gebruik van social media, zoals Facebook, WhatsApp, etc. De reden daarvan is dat zij daarmee het roddelen in het land de kop in wil drukken. Roddelen heeft blijkbaar in Oeganda een dusdanig negatief gevolg voor het sociale leven dat belastingheffing als “bestrijdingsmiddel” moet worden ingezet. Als fiscalist vraag ik mij dan af hoe deze belasting geheven gaat worden bij de buitenlandse toeristen die tijdelijk in het schitterende Oeganda willen vertoeven. Wellicht komt er een opslag op een soort van toeristenbelasting voor alle dagen dat men er wil verblijven. De sociale mediabelasting gaat namelijk € 0,05 per dag bedragen.

Deze Oegandese belasting is een mooi voorbeeld hoe belastingheffing steeds meer door landen wordt ingezet als instrument om maatschappelijk gewenst of ongewenst gedrag te sturen. Ook in Nederland hebben wij daar een heleboel voorbeelden van. Het zijn dan niet alleen heffingen die we kennen als belastingen, maar ook accijnzen en dergelijke. Denk bijvoorbeeld aan de naheffingsaanslag parkeerbelasting die kan oplopen tot bijna € 100,-, accijnzen op alcohol- en tabaksartikelen, de omzetbelasting op luxe goederen, de accijnzen op olieproducten, etc. Op die manier wil de overheid maatschappelijk ongewenst gedrag, het gebruik van producten die slecht zijn voor de volksgezondheid of het milieu tegengaan…

Uiteraard zijn er in de wet- en regelgeving ook stimuleringsmaatregels opgenomen om juist wenselijk gedrag te stimuleren. Dat zijn dan vaak fiscale voordelen en/of subsidies. Er zijn bijvoorbeeld voor aangewezen investeringen een milieu-investeringsaftrek, energie-investeringsaftrek, een vervroegde afschrijving op milieu-investeringen, subsidie voor zonnepanelen, subsidieregeling groene schoolpleinen in Brabant etc. Dus niet alleen voor het bedrijfsleven, maar ook voor scholen en andere non-profitorganisaties zijn er positieve financiële prikkels vanuit wetgeving.

Ondanks deze positieve en negatieve financiële prikkels wil een massa mensen maatschappelijk echter heel veel meer. Zij willen beter onderwijs, een betere (digitale) infrastructuur, meer veiligheid, een hoogwaardige gezondheidszorg, een gezonde leefomgeving etc. Die kunnen blijkbaar niet volledig uit de opbrengsten van die negatieve prikkels worden betaald. In geval zij al die maatschappelijke wensen gerealiseerd willen zien, zal daarvoor duurzaam een financieel draagvlak moeten zijn. Eenvoudig gezegd, komt dat erop neer dat zij allemaal solidair hun portemonnee moeten trekken. Zij zullen daarvoor dagelijks een paar centen meer belasting moeten betalen om die maatschappelijke wensen te kunnen bekostigen. Belastingheffing is immers in beginsel het financieringsinstrument van de overheidsuitgaven. Dat zijn ze ook in Oeganda waarschijnlijk niet vergeten.